‘Transgender’ noem je iemand die zich niet thuis voelt in zijn lichaam. Hij of zij herkent zichzelf niet in de rol die hij of zij vanaf de geboorte kreeg. Sommigen van hen laten hun lichaam door middel van medische ingrepen en kuren omvormen. Om hoeveel mensen het gaat, is moeilijk te zeggen. Het aantal ligt ver onder de één procent. Getallen zijn zo moeilijk te geven omdat het gaat om een groep die tamelijk verborgen is gebleven.

In het verleden was er weinig begrip voor hen. ‘Dwarse’ gevoelens werden door de ouders al heel jong in de kiem gesmoord. Getallen zijn ook daarom moeilijk te vinden omdat de predicaten ‘man’ en ‘vrouw’ kennelijk een heel scala van mogelijkheden beschrijven. Of, zoals ik een Duitse cabaretier eens hoorde zeggen: ‘Goede avond u allen, van dames tot en met heren!’ Tijdens het ‘Festival van de Liefde’, zoals het tv-programma heette, zag ik een aantal moedige jonge mensen. Ze bedankten er hun familieleden en vrienden voor de steun die ze hadden gehad. Een toekomstige vader riep het publiek nog toe: ‘willen jullie weten of het een meisje of een jongetje wordt?’ ‘Ja!’, juichten de omstanders. ‘Dachten jullie echt, dat ik het geslacht belangrijk vind?’, las hij de aanwezigen de les!

Ik herinner me het eerste woord dat de Schepper spreekt in het boek Genesis: ‘Het is niet goed dat de mens alleen blijft. Ik maak voor hem een hulp die bij hem past!’ God schept de mens man en vrouw, maar we weten nu dat dit geen tweedeling is. Het begrippenpaar vormt eerder twee polen waartussen de werkelijkheid zich in veel schakeringen ontvouwt en dat is de realiteit als ik om me heen kijk.

Mazen van de wet
In het evangelie vragen de mensen aan Jezus of een man zijn vrouw mag verstoten. Ze trekken Jezus mee op glad ijs. Johannes de Doper was immers onthoofd omdat hij kritiek had gehad op het huwelijk van Koning Herodes. De wet stond toe dat mannen met niet-joodse vrouwen mochten verkeren. Een vrouw liep het gevaar gestenigd te worden als zij met welke man dan ook een affaire had. Jezus gaat niet in op de mazen van de wet. Het is hem te doen om de waarden die daaronder liggen. De wetten willen een ideaal veilig stellen, en om dat ideaal gaat het. Liefde en de vriendschap zijn er opdat mensen elkaar tot steun zijn. Trouw aan elkaar is waarnaar beiden streven, want daarin zijn we een beeld van Gods trouw aan ons. Dit ideaal mag natuurlijk niet worden misbruikt om anderen ongelukkig te maken en buiten te sluiten. Ooit vroeg iemand mij wat ik van een gouden bruiloft vond. Ik heb er toen, behalve dat ik het een teken van trouw vind, ook maar op gewezen, dat niet alleen de duur van een relatie belangrijk is, maar vooral of ze gelukkig is. In een dorp is meer sociale controle; dat kan een verbintenis door een crisis helpen. Als deze echter vechtende echtelieden bijeenhoudt, is er weinig gewonnen.

Hart van de wet
Wij, de kerk van Jezus, willen het ideaal hooghouden van trouw. Maar met Jezus moeten we ook begrip hebben voor allen die het wel geprobeerd hebben, maar er niet in zijn geslaagd. En ook voor mensen die hun liefde gevonden hebben met iemand van het gelijke geslacht, of voor mensen die zichzelf niet herkennen in hun eigen lichaam is begrip nodig. Jezus nam het altijd op voor de slachtoffers. Ook voor de slachtoffers van de wetten. Niet alleen de vrouw die een buitenechtelijke relatie heeft, pleegt overspel, maar ook de man die zijn vrouw verstoot omdat hij een ander heeft ontdekt. Jezus neemt de vrouw in bescherming. En direct daarop ook de kinderen. Zeker bij echtelijke ruzies zijn zij het slachtoffer, en worden vaak een wapen in de strijd van de volwassenen. Jezus zegende hen...

Diaken Albert Soeterboek