PELGRIMEREN

Pelgrimeren, het hoort bij ons mens-zijn. Op pelgrimage gaan is ‘geloven met de voeten’. Moslims trekken naar Mekka. Voor christenen zijn de oudste bedevaarten die naar Jeruzalem, de stad waar Jezus werd gedood en is verrezen. Daarnaast zijn christenen graag op bedevaart gegaan naar de graven van de apostelen Petrus en Paulus te Rome. Of ze trekken het liefst als enkeling naar het (vermeende) graf van de heilige apostel Jacobus de Meerdere in Santiago de Compostela. Jaarlijks zijn veel mensen op weg naar Mariale heiligdommen, dichtbij of ver weg. Zij beschouwen ze als plaatsen waar ze God zien glimlachen. Zo zijn er moslims die naar Mariale heiligdommen komen omdat zij van Maria houden als de moeder van de profeet Jezus. In Zwitserland zijn er veel Tamils. Een aantal van hen trekt naar het Mariale heiligdom van Einsiedeln of dat van Mariastein. Om Maria, de moeder van Jezus te ontmoeten hoeven we echter niet ver te gaan. We zijn dicht bij haar in onze kerken en kapellen in onze eigen parochie of nog eenvoudiger als we het Weesgegroet bidden en met haar het Magnificat herhalen. Zeker in tijden van hopelijk de laatste naweeën van Corona hoeven we de Moedermaagd niet ver te zoeken.

Moeder Maria,
mijn eigen moeder heeft mij van u verteld
toen ik een kind was.
Sedert die jaren weet ik reeds wie gij zijt.
Ik weet dat gij een bron zijt van gaven,
en dat gij miljoenen mensen die u hebben aanroepen,
hebt verhoord.
Als ik naar uw beeltenis kijk,
gaat er een warmte vanuit,
alsof gij zeggen wilt:
'Zeg maar wat je op je hart hebt, en ik zal je bijstaan'.
Men noemt u niet voor niets,
de Moeder van Altijddurende Bijstand.
Sta ons bij, Maria, dag in dag uit, 
altijd en overal,
laat ons niet alleen. Amen.

Toon Hermans

Moeder van de weg

Maria wordt wel eens 'Moeder van de weg' genoemd. Het eerste kerkje in Rome, waar Ignatius van Loyola en zijn volgelingen bijeenkwamen om te bidden, was toegewijd aan Maria, ‘la Madonna della Strada’. In de Oosterse kerk is er een heel oude verering voor Maria als Gids op onze levensweg. De Oosterse kerk bezit iconen van de moeder Gods, de 'Hodegitria'. Maria, die de weg wijst. Als vrouw van de weg ontmoeten we haar bij de evangelist Lucas (Lc 1-2). Na de boodschap over haar nakend moederschap trekt ze op weg door het gebergte naar haar nicht Elisabeth. Ze is nadien met Jozef opgetrokken naar de Davidstad Bethlehem, waar ze het leven schonk aan Jezus. Ze heeft de vlucht gekend naar Egypte. Koptische christenen hebben heiligdommen gebouwd op de route, die Jozef, Maria en Jezus daar zouden hebben afgelegd. Maria trekt met Jozef en het Kind naar de tempel om het op te dragen aan de Heer. Ze keert er terug als Hij twaalf jaar is geworden.  Ze is als bezorgde moeder begaan met het optreden van haar Zoon in Galilea. Het leek erop dat zij Hem naar huis wil terughalen (Mc 3,20-35). Volgens de evangelist Johannes bevindt Maria zich in Jeruzalem tijdens de lijdensweek en staat zij onder het kruis van haar Zoon (Joh 19,25-27). Ze is in Jeruzalem na zijn afsterven en zijn verrijzenis om samen met de apostelen te bidden voor het komen van de Geest (Hnd 1,14). Het is vooral Lucas die van de vier evangelisten het meest de betekenis belicht van vrouwen voor het heil dat Jezus brengt.  Maria, een mensenkind, telg van ons mensengeslacht, is teken hoe God het kleine en het nederige uitkiest en hen zalig prijst. Zij is een teken hoe de geschiedenis een nieuwe wending krijgt met de plaats van de armen.

Hoop en vertrouwen door de tijden heen

Een moeder is elke week in de eucharistie met haar gehandicapte kind. Haar vertrouwen in Maria de moeder van Jezus is groot. Ze overweegt dagelijks bij het bidden van de rozenkrans de bijzonderste etappen uithet leven van Jezus. Ze zingt elke week een Marialied. Dit brengt ons de ene keer in Lourdes met de kleine Bernadette, een andere keer bij Maria’s uitverkiezing als de schoon bloeiende lelie. Ze doet ons mijmeren over het Brabantse land dat er niet meer is als ze zingt over Ons Lieve Vrouwe en over de oude boerderij, huis en hoeve. Moge het nimmer hier veranderen. Er is echter veel veranderd en er zal nog veel veranderen. Wie gaat langs Brabantse en Limburgse wegen ziet hier en daar een vervallen en geschonden kapel of weg-kruis, maar ook zo nu en dan een kapel die is gerestaureerd en een vervallen Mariabeeld dat werd vernieuwd. Ook in onze parochie laat men zich wat dat betreft niet onbetuigd (Elshout, straks Heusden en wellicht ook Herpt). Wat niet mag veranderen dat is onze dank voor Maria, omdat zij ‘ja’ heeft gezegd op Gods aanbod, omdat ze heeft geloofd en omdat ze stand heeft gehouden. Wat God in Maria heeft verricht, voedt bij ons allen de hoop. Dat was vroeger zo bij onze ouders, tegenwoordig bij velen van onze eigen generatie en hopelijk in de toekomst bij onze kinderen…

Diaken Albert Soeterboek